Pieter A. Siebesma
Spreekwoorden en gezegden uit het Oude Testament
Er zijn niet alleen veel Nederlandse woorden die geleend zijn van het Hebreeuws. Ook een aantal spreekwoorden en gezegden zijn letterlijke vertalingen vanuit het Oude Testament en zo in het Nederlands terechtgekomen. Enkele voorbeelden daarvan zijn:
In het duister tasten (Job 12:25 en Deut. 28:29), tot een aanfluiting maken (Jer. 25:9-10), op twee gedachten hinken (1 Kon. 18:21), de hand in eigen boezem steken (Ex. 4:6), hoogmoed komt voor de val (Spreuken 16:18) en oog om oog, tand om tand (Ex. 21:24)
Je zou daarbij ook nog die spreekwoorden kunnen betrekken, die niet rechtstreeks in de Bijbel voorkomen, maar wel teruggaan op een Bijbels verhaal. Je kunt daarbij denken aan bijvoorbeeld:
Mijn broeders hoeder (Gen. 4:9); een Babylonische spraakverwarring (Gen. 11), het zwarte schaap (Gen. 30:32) en de zondebok (Lev. 16).
Formuleringen die aan het Hebreeuws zijn ontleend
Sommige Hebraïsmen zijn moeilijker te herkennen. Het woord ‘bekennen’, in de betekenis van seksuele gemeenschap met elkaar hebben, is ontleend aan de Statenvertaling. Voor de eerste keer komen we het tegen in Gen. 4:1: “En Adam bekende Eva zijne huisvrouw en zij werd zwanger.” Aangezien het Hebreeuwse woord voor kennen (jada - יָדַע) alle facetten omvat van het persoonlijk kennen, inclusief het seksuele aspect, vertaalden de Statenvertalers het op deze wijze. De ‘tale Kanaäns’, gangbaar in de meer reformatorische kringen, kent veel uitdrukkingen die langs deze weg aan het Hebreeuws zijn ontleend.
Superlatieven
Wie is zich ervan bewust dat, als het bekende lied uit de opwekkingsbundel ‘Here der Heren, Koning der koningen’ wordt gezongen, dit eigenlijk een Hebraïsme is? In het Hebreeuws wordt een overtreffende trap weergegeven door het woord te herhalen: Koning van de koningen is de letterlijke vertaling van het Hebreeuwse ‘melech melachiem’ - מֶלֶךְ מְלָכִים, dat is ‘de allerhoogste koning’. Evenzo betekent ‘Here der Heren’ de allerhoogste Heer. Hetzelfde vinden we in de naam van het Bijbelboek Hooglied. Hooglied is een vertaling van het Hebreeuwse שִׁיר הַשִּׁירִים - lied der liederen - (Eng. Song of Songs), dat is het allerhoogste lied. Dit is dus niet een lied dat op een hoge plaats of op een hoge wijze werd gezongen, zoals ik als kind dacht, maar het betekent niets anders dan het allermooiste lied. Evenzo is het Heilige der Heiligen in de Tempel de meest heilige plek, waar alleen de hogepriester een keer per jaar mocht komen.
Woorden uit de Joodse godsdienst
Ook veel woorden, die met de joodse godsdienst te maken hebben, zijn in het Nederlands terechtgekomen. Je kunt hierbij denken aan koosjer, Tenach, Thora, rabbi of rabbijn, menora, bar mitswa, sjofar en sjocheet (ritueel slachter).
De namen van de Joodse feesten horen ook hierbij, zoals Jom Kippoer, Rosj Hasjana, Chanoeka en Pesach.
Er zijn ook achternamen die herinneren aan Hebreeuwse woorden. Vroeger had je modewinkels van Gazan. Ongetwijfeld waren de stichters van dit bedrijf Joden aangezien een chazzan een voorzanger in een synagoge is.
Koosjer
Het woord koosjer is via de Joodse gemeenschap hier te lande in het Nederlands ingeburgerd geraakt. Je hoort nog wel eens de uitdrukking: ‘dat is niet koosjer’. Daarmee wil men dan aangeven, dat iets verdacht is, iets niet pluis is. Maar oorspronkelijk duiden Joden hiermee aan dat een bepaald le¬vensmid¬del volgens de joodse voorschriften geoorloofd is om te eten.
In het Hebreeuws luidt dit woord echter kasjer. De Nederlandse joden (evenals de Oost-Europese joden) spraken namelijk de ‘a’ als een ‘oo’ uit. Dat zien we wel meer bij Hebreeuwse leenwoorden in het Neder¬lands (zie hieronder). Bij¬voorbeeld bij goochem (van het Hebreeuwse chacham - wijs) of bij bolleboos (van het Hebreeuws ba'al habbajit letterlijk ‘heer des hui¬zes’).
Wat betekent kasjer nu precies? In het Oude Testament komen we het in deze vorm slechts eenmaal tegen. In Esther 8:5 vraagt Ester aan koning Ahasveros om de boze plannen van Haman te verijdelen: “Indien het de koning goeddunkt en ik zijn gene¬genheid gewonnen heb, en indien het de koning juist toeschijnt (lett. de zaak kasjer voor de koning is) ... laat dan het plan van Haman verijdeld worden.” Pas in het rabbijns Hebreeuws heeft het de betekenis van ‘ritueel geoorloofd’ gekregen.
Wordt vervolgd met Nederlandse woorden uit het Jiddisch, Bargoens en Ivriet
Dit artikel is afkomstig uit het maandblad Hadderech van januari-februari 2026
